F.C.I.-Standaard Nº 309 / 14.04.1999 / GB
SHAR-PEI
Oorsprong:
China
Beschermheerschap:
F.C.I.
Datum van
publicatie van de originele geldige standaard:
14-04-1999
Gebruik:
Jacht- en waakhond.
Indeling
F.C.I.:
Groep 2 Pinschers, Schnauzers, Molossers, Berg-en Sennenhonden.
Sectie 2.1 Molosser, Mastiff type
Zonder werkproef.
Korte historische
achtergrond:
Dit Chinese Ras bestaat reeds honderden jaren in de provincies rond de Zuid
Chinese Zee. De stad Dialak in de provincie Kwun Tung is waarschijnlijk de plaats
van oorsprong.
Algemene
verschijning:
Actieve, compacte, kort en vierkant gebouwde hond, van gemiddelde grootte.
Rimpels op schedel en schoft, kleine oren en de "nijlpaard" voorsnuit
behoren tot het unieke uiterlijk van de Shar-Pei. Reuen groter en krachtiger
dan teven.
Belangrijke
verhoudingen:
De hoogte van de Shar-Pei vanaf de schoft tot aan de grond is ongeveer gelijk
aan de lengte van het lichaam, gemeten van boeg tot zitbeen, vooral bij reuen.
De lengte van de stop tot aan de neus is ongeveer gelijk aan de lengte van de
stop tot achterhoofd.
Karakter
en gedrag:
Rustig, zelfverzekerd, trouw, aanhankelijk aan zijn gezin.
Hoofd:
Tamelijk groot in vergelijking tot het lichaam. Rimpels op het voorhoofd en
wangen, overlopend in keelhuidplooien.
Schedelpartij:
Schedel: Vlak en breed
Stop: Matig
Gelaat:
Neus: Groot en breed, bij voorkeur zwart, maar iedere kleur passend bij de vachtkleur
is toegestaan. Ruime neusgaten.
Voorsnuit: Een kenmerkende eigenschap van het ras. Breed vanaf stop tot aan
de punt van de neus zonder dat deze spits toeloopt. Lippen en bovenzijde voorsnuit
goed gevuld. Zwelling op de neusrug vlak achter de neus is toegestaan.
Mond: Tong, gehemelte, tandvlees en lippen: blauwachtig zwart heeft de voorkeur.
Zwart/blauw met roze vlekken is toegestaan. Een egaal rose tong is hoogst ongewenst.
Bij dilute-kleurige honden is de tong egaal lavendelkleurig.
Kaken en tanden: Sterke kaken met een perfect schaargebit d.w.z. de boventanden
overlappen de ondertanden zonder tussenruimte en staan haaks op de kaak. De
dikte van de onderlip moet niet zo extreem zijn dat hierdoor de beet wordt gehinderd.
Ogen: Donker, amandelvormig met een fronsende of ernstige uitdrukking. Lichtere
kleur ogen toegestaan bij dilute-kleurige honden. De functie van de oogbol of
ooglid mag in geen geval verstoord worden door omliggende huid, rimpels of haar.
Elk teken van irritatie aan oogbol, bindvlies of oogleden is hoogst ongewenst.
Vrij van entropion.
Oren: Zeer klein, tamelijk dik, gelijkzijdig driehoekvormig met licht afgeronde
punten, hoog aangezet op de schedel en de punten wijzend in de richting van
de ogen, naar voren geplaatst boven de ogen en vlak liggend tegen de schedel.
Prikoren hoogst ongewenst.
Nek:
Gemiddelde lengte, sterk, goed aansluitend op de schoft. De losse huid onder
de nek mag niet overmatig zijn.
Lichaam:
Zware rimpels op het lichaam bij volwassen honden zijn hoogst ongewenst, alleen
op de schoft en aan de basis van de staart mag deze matig gerimpeld zijn.
Rugbelijning: Rugbelijning vertoont een 'dip' vlak achter de schoft en loopt
dan iets op naar de lendenen.
Rug: Kort en sterk.
Lendenen: Kort, breed, matig gehoekt.
Kroep/kruis: Tamelijk vlak.
Borst: Breed en diep, borstbeen reikt tot aan de elleboog.
Onderlijn: Geleidelijk oplopend onder de lendenen.
Staart:
Dik en rond aan de wortel, taps toelopend naar een fijne punt. De staart is
zeer hoog aangezet, een karakteristiek kenmerk van het ras. Kan hoog in een
gebogen lijn of in een strakke krul of gebogen over elke zijde van de rug gedragen
worden. Geen of een incomplete staart is hoogst ongewenst.
Ledematen:
Voorhand: Voorbenen recht, matig lang, goede bone. De huid vertoont geen rimpels.
Schouders: Goed bespierd, goed aanliggend en schuin geplaatst.
Middenhand: Iets schuin geplaatst, sterk en flexibel.
Achterhand: Gespierd, sterk, matig gehoekt, loodrecht op de grond en parallel
aan elkaar van achteren gezien. Rimpels op het bovenbeen, onderbeen en voeten,
alsmede verdikkingen van de huid op de hakken is ongewenst.
Hakken: Laag geplaatst.
Voeten: Matige grootte, compact, geen spreidvoeten. Tenen goed gewelfd. Achtervoeten
vrij van hubertusklauwen.
Gangwerk:
Het gewenste gangwerk is draf. Het gangwerk is vrij, in balans, actief en goed
voorwaarts uitgrijpend en met een sterke stuwing vanuit de achterhand. Als het
tempo hoger wordt worden de voeten meer nabij de middenlijn neergezet. Steppende
gang is ongewenst.
Vacht:
Haren: Een kenmerkende eigenschap van het ras: kort, hard en borstelig. De
vacht is recht en van het lichaam afstaand, maar op de ledematen ligt
de vacht meestal
meer aan. Geen ondervacht. De vacht mag variëren van 1 tot 2,5 cm lengte.
Nooit getrimt.
Kleur: Alle egale kleuren zijn toegestaan, behalve wit. Staart en achterzijde
van dijen zijn meestal lichter van kleur. Donkerder gradaties op de rug en oren
zijn toegestaan.
Schofthoogte:
44-51 cm vanaf de schoft. (17,5-20 inch).
Fouten:
Iedere afwijking van bovenstaande punten moet worden beschouwd als een fout
waarbij de ernst die eraan wordt toegekend in overeenstemming moeten zijn met
het belang ervan.
Ernstige
fouten:
Geen schaargebit
(als overgangsregel is een zeer geringe bovenvoorbeet toegestaan).
Spitse voorsnuit
Gevlekte tong (rose vlekken in een zwart/blauwe ondergrond is toegestaan)
Grote oren
Lage staartaanzet
Vacht langer dan 2,5 cm
Diskwalificerende fouten:
Platte
voorsnuit met ernstige bovenvoorbijt; ondervoorbijt
Egale rose tong
Naar binnen rollende onderlip waardoor de beet wordt gehinderd (Tight lip)
Ronde uitpuilende ogen, entropion, ectropion
Huid, rimpels of haar die de normale functie van het oog hinderen
Prikoren
Afwezigheid van de staart; korte dikke staart
Zware rimpels op het lichaam (behalve op de schoft en aan de basis van de staart)
en poten
Geen egale kleur (albino, brindle, platen, vlekken, black and tan, zadelpatroon)
N.B.:
Reuen moeten twee klaarblijkelijk normale testikels hebben, die volledig zijn
ingedaald in het scrotum.
Opmerking:
Iedere kunstmatige fysieke verandering aan de Shar-Pei (met name aan lippen
en ogen) sluit de hond uit van tentoonstellingsdeelname.